11 mei 2021ColumnsQuirien van Haelen

Column, Groen door Quirien van Haelen

Midden Limburg

Onlangs heb ik afscheid genomen van het knollenveld in mijn tuin dat ooit een gazon was. Het was een verwilderde akker met veel kuilen en hier en daar een graspol. Inmiddels ligt er een grasmat die zo weelderig is dat ik er het liefst de hele dag op zou picknicken. Als ik ’s ochtends beneden kom en er zonlicht weerkaats in de dauwdruppels op de grassprietjes, wil ik alleen nog maar op mijn blote voeten rondhuppelen op mijn stukje kunstgras.

Het is zover, we hebben inderdaad kunstgras.

 

Ons vorige gazon was dringend aan vervanging toe. Het was al jaren in slechte conditie, maar de definitieve doodsteek kwam toen we er vorige meivakantie twee weken met een grote tent op kampeerden. Daarvoor was het ook al een dorre vlakte met veel kuilen. Dat kwam omdat onze hond er zo nu en dan op plaste en omdat hij er botten probeerde te begraven. Natuurlijk kwam het ook doordat een groot stuk bijna de hele dag in de schaduw lag, ik het gras pas maaide als het al veel te lang was, er speeltoestellen op stonden, ik het niet sproeide in de zomer, we er altijd op barbecueden zonder iets onder de barbecue te leggen en omdat er vele kolonies gele weidemieren bivakkeerden. Het was kortom een grasveldje dat niet meer te redden was.

 

We wisten dus eigenlijk wel al dat echt gras geen optie meer was, hoe mooi en vooral groen en milieuvriendelijk het ook klinkt. In de twintig jaar dat ik tuinen met grasvelden bezit, is het me nog nooit gelukt een gazon in leven te houden. Kunstmest strooien, sproeien, verticuteren, kalk strooien, bijzaaien, het mocht nooit baten. Elk gazon zag er binnen een jaar slechter uit dan de grasmat van Fortuna Sittard voor de winterstop. Na twintig jaar strijd werd het tijd om mijn nederlaag toe te geven en te accepteren dat alleen kunstgras het bij ons zou overleven.

 

Kunstgras dan maar. Ik ben normaliter zeer milieubewust en natuurlijk geen voorstander van plastic in mijn tuin en ik heb altijd geroepen dat ik nooit aan kunstgras zou beginnen. Ik ben in principe wel van de principes en in dit geval was dat nogal lastig. Na goed zoeken kwam ik ook milieuargumenten tegen die vóór kunstgras pleiten. Zo hoef je kunstgras niet te sproeien en bespaar je water. Omdat je niet hoeft te maaien bespaar je stoom en je bespaart kalk en kunstmest. En we hebben een elektrische auto en scheiden ons afval zoveel mogelijk. Dus. En trouwens, we hebben ook al een jaar niet gevlogen. Een paar dagen later had ik mezelf ervan overtuigd dat het allemaal wel meeviel dus en bestelden we een sampledoos met een stuk of tien soorten kunstgras. Zo kon ik thuis ook al even wennen aan het idee.

 

We bekeken de kunstgrassamples in de zon, in de regen en op verschillende tijdstippen. De ene sample leek nog echter dan de andere. Verschillende sprietlengtes, sprietjes met structuur, nepmos, niet van echt te onderscheiden. Natuurlijk probeerden we ook even hoe het aanvoelde met schoenen aan, op slippers en met blote voeten. De ene sample voelde nog natuurlijker aan dan de andere, maar type Smooth was toch wel ons grasje. Elke keer weer kwam het vierkante stukje als favoriet naar voren. Zelfs de hond viel er heerlijk op in slaap.

 

Een klein uur nadat ik het kunstgras besteld had, werd mijn bestelling al geleverd. Het bedrijf lag toevallig in Haelen, dus dat scheelde ook weer CO2-uitstoot bij het transport. Twee dagen later was alles keurig gelegd en lag er voor het eerst in ons leven een strakke grasmat in de tuin. Sindsdien ben ik alleen nog maar buiten geweest. Dagelijks koprol ik uren met mijn dochter door de tuin, hou ik ballen hoog met mijn zoon en probeer ik de hond te leren dat hij er niet op mag plassen.

 

Af en toe heb ik wel even last van mijn groene geweten. Bijvoorbeeld als er een merel teleurgesteld kijkt omdat hij geen wormen kan vinden. Op zulke momenten neem ik me voor voortaan achter mijn principes te blijven staan.

Maar als het niet van echt te onderscheiden stukje kunstgras me toelacht, ben ik mijn principes snel vergeten.

Dan dartel ik weer vrolijk koprollend verder.

 

 

 

Quirien van Haelen

Quirien van Haelen (1981) is dichter, docent en columnist. Hij publiceerde diverse dichtbundels, was columnist en presentator bij L1 en poëziecolumnist bij Radio 1. Vanaf het eerste nummer van HALLO Magazine schrijft hij columns voor dit platform, vaak met humoristische inslag. Zijn columns zijn populair van Nederweert tot Heibloem. Van Neer via Thorn naar Maasbracht. De Maas over en een bezoekje bij de Belgische buren waar zijn columns ook geliefd blijken te zijn.