28 aug 2020Verhalen

Ingezonden: Het  paradijs van ome Lei

Nederweert/ Ospel

Als volkomen nieuwkomen reporter van het blad ‘Hallo’ dien ik mij eerst voor te stellen. Mijn naam is Werner Bloemers uit Ospel, 47 jaar en zeer slechtziend en -horend, oftewel behorend tot mensen met Doofblindheid. Dat geeft een verhaal misschien meer dimensie, of juist niet.

Wie is toch: Ik ga nu een verhaal schrijven over een bijzondere man, mijn oom Lei Reemers. Ome Lei is altijd een stoere kerel geweest die maar al te graag ging stappen en van geweldige muziek hield.

En dit trouwens nog steeds graag doet. Maar een grote passie van hem is van jongs af toch de natuur. Hij vroeg zich in zijn jongere jaren vaak af door welk insect hij wordt gestoken en ging dan ook op ontdekkingsreis in de natuur.

Sinds 26 jaar gaat dit op een heel concrete manier … eerst via het Limburgs Landschap, toen de Vogelwerkgroep van Nederweert, waar ome Lei nog steeds lid van is, de bedenker van het Vlinderpaat in Nederweert … al die activiteiten hebben er mede voor gezorgd dat hij, tot zijn grote verbazing, in 2017 benoemd werd tot Lid in de Orde van Oranje Nassau.

Maar om nu terug te gaan naar het heden. Ome Lei verzorgt sinds vijf jaar bijna elke dag een klein veldje aan de Hoebenstraat te Nederweert. Je waant je er echt in een klein paradijs. Zoveel mooie planten en bloemen, met het gezellige gezoem van bijen, hommels en andere soortgenoten. Ook komen er vaak verschillende vlinders aanvliegen. Er zijn dit jaar al 22 verschillende soorten dagvlinders gespot.

 Al lange tijd dat ome Lei zich bezighoudt met het edele vak van imker, om er zo voor te kunnen zorgen dat de bijenpopulatie toch wat meer zou kunnen toenemen, want het gaat al jaren niet goed met de bijen in Nederland. Maar om het naadje van de kous te weten te komen, toog ik op een mooie dag in juli 2020 met mijn schrijf- en gebarentolk Emma richting de Hoebenstraat.

Op mijn vraag over het ontstaan van het veldje antwoordt ome Lei dat hij dat een aantal jaren geleden heeft gekregen van de vader van een vriend van hem. Ze waren toen bezig met de opleiding tot imker en hadden een bijenkast nodig die 40 meter van de bebouwing af moest staan. Daar was in het dorp Nederweert echter te weinig plaats voor, vandaar dat het veldje meer dan een oplossing.

 

Van  paardenwei naar bijenwei

In het begin was het gewoon een weitje met paardjes, waarvan de grond helemaal omgezet werd. Die is toen vol planten en bloemen gezet. Mensen zetten dit nog steeds in tassen aan het hek, maar het wordt voller en voller. En dan wordt het minder makkelijk om alles een plekje te kunnen geven. Maar het lukt altijd wel. Is het hek open, dan heeft men een grote kans om een gratis rondleiding te krijgen.

Zijn fascinatie voor insecten was begonnen doordat hij eerst als vogelaar zijn kijk had op de natuur. Als je veel rondkijkt en vaak in de natuur bent, zie je dus ook vaak insecten. Die zijn dan mooi van vorm, tekening en vleugeling. Kijk maar naar de Libelle. Als je zulke mooie soorten ziet, wil je er ook wat vanaf weten. En kom je er ook achter welk insect je wel steekt en welke dus niet.

Ome Lei houdt zich vooral bezig met de kweek van de solitaire bij. Dit is dus een bijenkoppel, bestaande uit mannetje en vrouwtje. Deze bijen zijn voor de bestuiving van diverse bloemen zeer essentieel, maar nog beter om de stuifmeelkorrels te verspreiden zijn hommels. Die kunnen dat immers ook beter met hun buik doen. Er zijn ook honingbijen, maar die houden zich alleen maar bezig met de productie van honing. Deze dieren hebben een grotere kans om gemanipuleerd te worden en dat is niet bepaald diervriendelijk.

Maar om terug te keren op de solitaire bij: er zijn er zo’n 360 soorten in Nederland, waarvan de ene helft in de grond leeft en de andere helft in nestgelegenheden. In die nestgelegenheden leggen de bijen hun eitjes in een smal pijpje en die blijven er dan een jaar in liggen. De nestgelegenheden worden dan afgedekt met speeksel, grind en zand. Zijn de nieuwe bijtjes klaar voor de boze buitenwereld, dan gaat de achterste duwen en zodoende komen ze na een jaar vrij. Om het stokje over te kunnen nemen van hun ouders, want die leven vaak ook maar enkele weken tot een jaar. Dat is geheel afhankelijk van de soort.

Er is zelfs een koekoeksbij … dit is een bij die er wat fluorescerend uitziet, maar zijn eitjes in het nest van een soortgenoot legt. En die dan later kunnen uitkomen in een ander nest, net als de echte koekoek. Het verschil tussen beide diersoorten is wel dat deze koekoeksbij geen koekoek kan zeggen. Humor moet er immers altijd zijn, ook in de dierenwereld.

 

Intelligente insecten

Je kunt je eigenlijk niet voorstellen dat zulke kleine wezens als insecten een intelligentieniveau hebben … maar niets is minder waar. Door hun instinct lukt dit echter wel. Je hebt ook gierzwaluwen die kunnen slapen in de lucht. Ze hebben een Tom Tom, waardoor ze vlekkeloos hun koers kunnen bepalen. Huh? Nooit gedacht dat zoiets kon. Ze vliegen toch te hoog om  ergens tegenaan te botsen. Het mooie is wel dat hun jongen de eerste drie jaar van hun leven non stop vliegen. Ze volgen hun ouders als die naar Afrika gaan om te overwinteren, maar hoe kunnen zie die ouders vinden als ze mijlenver van elkaar verwijderd zijn? Dankzij hun instinct.

En dat instinct hebben insecten dus ook. Zij zullen niet van die stommiteiten uithalen als de mens.

Het is ook gewoon zo dat je iets ziet in de insectenwereld, je niet moet proberen om dit te kunnen verklaren. Dat is over het algemeen niet te doen. Maar als het je overkomt, moet je dit gewoon in je opnemen. Om toch even bij het onderstaande voorbeeld te komen.

Als het drie dagen opeen zuidwestenwind is, heb je grote kans dat de kolibrievlinder vanuit Afrika hierheen komt vliegen. Er zijn ook vlinders die helemaal naar Alaska vliegen over de oceaan. Dit lukt hen vijf centimeter boven het wateroppervlak. Uiteraard wel met de wind in de rug. Ik zou het niet aan kunnen om aan een wedstrijd achteruitrennen deel te nemen zonder navigatie. Er zijn overigens ook heel veel soorten nachtvlinders, maar die zijn dus een stuk lastiger te zien. Ze hebben immers geen of weinig kleur op hun vleugels en dat hebben ze ook niet nodig. Ze vliegen met een soort sonar, net als bij vleermuizen. Mensen kennen dit niet.

 

 

Cirkel van het leven

Ome Lei stelt ons ook even voor aan diverse plantensoorten, waarvan ik de naam alleen maar kan dromen: IJzerhart … dit is overigens een plant die vier á vijf maanden aan een stuk bloeit en zeer geschikt is voor hommels en vlinders. Ook de namen van prikneus, ezelsoor, munt, zonnehoedje en stalkaars passeren de revue. Voor veel mensen is dit meer iets wat bij onkruid hoort, maar zo is het niet. Elke soort heeft zijn eigen bestaansrecht en zijn eigen functie.

Een mooi voorbeeld is de Kaardenbol. Dit is een plant die overwegend langs de grote rivieren groeit en niet elk insect toelaat. Er is ook veel vijandigheid gaande tussen insecten en planten. Dat verbaast me toch wel. het is net alsof planten een ziel hebben. Maar zoiets valt toch sterk te betwijfelen. Het is gewoon een oeroud systeem dat er voor zorgt dat een plant op zijn eigen manier is ingesteld.

Een ander wat meer sinister voorbeeld is de Zonnedauw. Dit is een klein plantje dat in het voorjaar boven de grond komt en een zoete vloeistof produceert. Die vloeistof wordt dan op de arm van de plant gelegd en hier komen dan insecten op af. En die kunnen zich niet meer losmaken van dat plakkerige goedje met als gevolg dat ze worden verteerd door de plant. Dit zijn echter kleine plantjes en het duurt allemaal heel lang. Iets waar de moderne mens toch vaak geen tijd voor heeft.

Zo is het ook met insecten, wat zijn functie betreft. Vliegen zorgen ervoor dat er afval wordt opgeruimd, wespen eten die vliegen en zij worden weer zelf opgegeten door hoornaars, alvorens zij weer het maal worden van de een of andere hongerige vogel. Je kent het wel: je zit soms buiten een stukje vlaai te eten en er komt een vlieg of wesp gezellig even meeproeven. Het is de kunst deze dieren te misleiden door aan het andere eind van de tafel een bordje met zoetigheid neer te zetten en ze zo af te leiden. Dit vind ik, als slechtziende schrijver, een zeer goede en diervriendelijke oplossing. Ik kan die dieren niet of nauwelijks zien. Een vliegenmepper hanteren heeft dan ook weinig zin.

Het is juist de bedoeling om dat soort dingen gewoon te laten. De meeste insekten worden er ook door geprikkeld om in de aanval over te gaan. Doe je dan niets, dan gebeurt er niets. Ik kan mij wel voorstellen dat het in deze haastige wereld aan dovemansoren is gewijd, zeker als je miljoenen sprinkhanen op je af ziet komen ergens in the middle of nowhere.

 

Doelen en belangen

Ome Lei leidt ons verder. Er is een tijdje terug een waterput aangelegd. Eerst gebeurde het nog via een tuinslang om de planten en bloemen te besproeien, maar dit werd toch gevaarlijker voor de fietsers. Dus samen met zijn vrienden heeft hij  meters diep moeten boren om zo bij het grondwater te kunnen komen. Het is hartstikke helder en zeer de moeite waard van het proeven. Men denkt al gauw dat er 10 meter geboord moet worden om het gewilde doel te realiseren, maar dat valt dus reuze mee.

Er is over een stichting die de belangen van bijen in Nederland en omgeving behartigt. Dit is de stichting bij-zzzaak.nl. dit is hun website: http://www.bij-zzzaak.nl/

Zo blijven er bij elke ontdekking weer vragen opkomen. Ik was geheel vergeten te vragen of er ook een bijenkoning is, hoeveel verschillende soorten planten aanwezig zijn in het weitje, of er ook insecten zijn die mekaar bewust helpen … elke vraag roept weer een diepere vraag op. Natuurlijk is het handig als je dit gaat opzoeken op internet met je telefoon, i pad of gewoon aan je computer. Maar het mooiste is uiteraard dit zelf even te ondervinden en er op een natuurvriendelijke manier erachter zien te komen hoe mooi en divers de natuur zelf is.

De natuur is van iedereen en daar moeten we voorzichtig mee zijn. En dat elke keer weer door blijven geven aan de generaties na ons. Het blijft immers een fascinerend beeld om te zien hoe een vlinder de wijde wereld in kan trekken of hoe een bij zijn stuifmeelkorrels kan doorgeven aan een bloem. Natuurlijk is dit voor veel mensen een precaire zaak om te zien, maar het zorgt ervoor dat de wereld en het leven in volle bloei blijven staan, ook in deze lastige coronatijden.

Met heel veel hartelijke dank aan ome Lei voor alle informatie en mijn tolk Emma voor de ondersteuning.

 

Werner Bloemers,

Juli 2020.