30 nov 2018Columns

#deildiengelök

Het is weer bijna december, de tijd van eindeloze maaltijden, luxe cadeaus, verwende kinderen, blinkende feestkleding, dampende glühwein, lachende gezichten en lange avonden vol plezier. Op sociale media heb ik de eerste overdadig volgehangen kerstbomen al geliket, het reerugrecept hangt al op mijn prikbord geprikt en het kerstpakket heb ik al uitgezocht. De feestdagen worden ook dit jaar in huize Van Haelen weer groots gevierd, al sta ik er wel net iets anders in deze keer. Ik heb de afgelopen maanden namelijk kennisgemaakt met een Nederland waarvan ik werkelijk niet wist dat het bestond.

Ik heb de afgelopen maanden kennis gemaakt met mensen die tegen de feestdagen opzagen. Ik heb namelijk de tekst mogen maken voor het actielied van Samen voor de voedselbank, dat schitterend gezongen liedje van Marleen Rutten. Misschien heeft u het gehoord, anders even googelen. Om ideeën op te doen voor de tekst ben ik bij verschillende voedselbankklanten op de koffie geweest. Natuurlijk kende ik de voedselbank en de eindejaarsactie van de lokale omroepen, maar dat er echt zoveel ellende bestaat had ik nooit gedacht.

Ik kan er eigenlijk nog steeds niet bij. Armoede bestaat echt in Nederland.

Mijn eerste bezoekje was bij een jonge moeder die me vertelde over rondkomen met heel weinig geld. We hadden het over kinderfeestjes, kleding, schoolfruit en over alle dingen die ze ondernam om haar dochters toch alles te geven ondanks het geldgebrek en haar gezondheid. Ze vertelde ook over alle reclame in de brievenbus en op tv en over alle plaatjes die op de sociale media voorbijkomen, de gedekte tafels, de bergen cadeaus waarop iedereen zijn geluk continu deelt. Toen we het over Kerst hadden, vertelde ze trots hoe ze er de afgelopen jaren met amper geld toch een feest van had weten te maken, maar ook dat ze er echt tegenop zag deze keer. Ze zou graag samen met haar familie eten maar die woonde ver weg en treinkaartje was eigenlijk onbetaalbaar van het beetje dat elke maand overbleef. ‘Maar als ik niet ga krijg ik schreve gezichten, terwijl het echt bijna niet kan.’
 

Ze leek het in eerste instantie best goed te hebben. Er stond koffie, er was een koekje en ze had een iPhone. Daar maakte ik nog een misplaatste opmerking over. Het was een gekregen iPhone, een neefje van elf mocht een nieuwe uitzoeken, dit was zijn oude. Dankzij de wifi van de buren kon ze goedkoop bellen via WhatsApp, op gifts reageren en dingen regelen. Maar toch viel het me op dat het echt een tijdje duurde voordat ik overtuigd was dat ze de voedselbank heel erg nodig had. Ze deed juist heel erg haar best om te laten zien hoe goed ze met de situatie omging.

Buiten een paar vrienden om en sociaal werkers was er bijna niemand op de hoogte, zelf haar broer niet.

Ze schaamde voor de situatie waarin ze verkeerde.


Een paar dagen later was ik bij een man die veertig jaar keihard gewerkt had en die me trots vertelde over zijn beroep in de bouw dat hij na een ongeval niet meer kon uitoefenen. Ik zat op een stoel en hij zat op z’n bed, de kamer met keukentje was kleiner dan mijn badkamer. Hij vertelde over het ongeval over de scheiding, over de papieren waar hij nooit echt naar omgekeken had. Hij rekende me voor wat hij overhield en hoe hij het daarmee nog twee jaar tot aan zijn AOW moest uitzingen.

‘Je moet in dat liedje van je schrijven dat het niet alleen om geld gaat die actie, maar dat mensen een beetje oog voor elkaar moeten hebben’

Toen ik over Kerst begon, kwamen de tranen. Hij vertelde hoe je juist tijdens de feestdagen met je neus op de feiten wordt gedrukt, je je kleinkinderen niks kunt geven, je broer niet kunt bezoeken omdat de reis te duur is en alleen maar luxe om je heen zien. In de supermarkt zijn de goedkope producenten vaak zelfs tijdelijk verdwenen.


Zo bezocht ik nog meer mensen die hun persoonlijke verhaal deelden. Ik vroeg niet naar de oorzaak van de armoede, maar naar hoe ze er mee leefden. Ze gaven me een inkijkje in hun leven en ik realiseerde me dat zij zelf dagelijks een inkijkje hebben in het leven van mensen die het wel breed hebben. Op sociale media posten we dagelijks onze geluksmomentjes en laten we maar al te graag zien hoe succesvol we zijn en hoe goed we het hebben. Dit jaar ga ik met de feestdagen ook een stukje van mijn geluk delen en niet alleen de plaatjes.                                            Ik hoop dat u meedeelt. #deildiengelök

Quirien van Haelen

Quirien van Haelen (1981) is dichter, docent en columnist. Hij publiceerde diverse dichtbundels, was columnist en presentator bij L1 en poëziecolumnist bij Radio 1. Vanaf het eerste nummer van HALLO Magazine schrijft hij columns voor dit platform, vaak met humoristische inslag. Zijn columns zijn populair van Nederweert tot Heibloem. Van Neer via Thorn naar Maasbracht. De Maas over en een bezoekje bij de Belgische buren waar zijn columns ook geliefd blijken te zijn.